Je bent gekomen om te onderwijzen. Alles wat je hebt gedaan sinds je hier bent aangekomen is onderwijzen. Je gedachten en je gedrag zijn de voertuigen voor het onderwijzen. Zelfs als klein kind onderwees en verheugde en frustreerde je degenen die van je hielden. Gedurende elke fase van je leven heb je onderwezen, want onderwijs is de natuurlijke functie van het demonstreren van het leven. Je hebt dus van nature een onderwijsfunctie. Zelfs al doe je dit in geen enkele formele zin met mensen, je leven is een demonstratie en dus een vorm van onderwijs.

Daarom zal, als je leven verbonden raakt met Kennis en uitdrukking geeft aan Kennis, je leven het onderwijs zelf worden. Dan zul je, in welke richting je ook wordt geleid te kiezen voor je zelfexpressie, die oprecht zal zijn volgens je aard, in staat zijn je onderricht uit te drukken in grote en kleine gebaren, in woorden en zonder woorden en in prestaties in elke weg en levenswandel, omdat je naar de wereld bent gekomen om te onderwijzen. De wereld kan je alleen leren dat je waarheid moet onderwijzen. Dat is het onderwijs van de wereld voor jou. Zij leert je van de grote behoefte aan Kennis, en zij leert je van de aanwezigheid van Kennis. Zo dient en ondersteunt de wereld jouw ware functie, zoals jij de ware functie van het leven dient en ondersteunt.

Herinner je dit idee op het uur. Geef jezelf in je twee diepere meditatieoefeningen de opdracht hier heel, heel zorgvuldig over na te denken. Dit zijn nu oefeningen van mentale betrokkenheid. Denk aan de betekenis van het idee van vandaag. Realiseer je dat je altijd hebt onderwezen door demonstratie. Denk aan wat je wilt onderwijzen met je leven en denk wat je wilt versterken met je leven. Denk aan wat je wilt geven en denk aan wat de wereld je heeft gegeven om dit ware verlangen te stimuleren. Al deze dingen zullen juist denken en juist handelen voortbrengen, en door juist denken en juist handelen zal Kennis moeiteloos door je heen stromen om het leven om je heen tot zegen te zijn en om doel, betekenis en richting aan je relaties te geven.

Oefening 259: Twee oefenperiodes van 30 minuten. Ieder uur oefenen.